Herman Finkers - Vinger In De Bips Lyrics
De canyonkreekjes tintelen, de zon komt prachtig opStiekem zit een bloempje, te gluren uit zijn knopDe ochtend wekt de prairie, een cowboy is al opVertroetelt met zijn merrie, dat bloempje in galopDe cowboy, hij heet John, stopt bij Mary-LouEn bedelt Mary-Lou: "Zeg, Mary-Lou, word jij mijn vrouw?"Zij raakt geprikkeld warm daarvan, want John als man, dat is niet niksEn stopt uit pure geestdrift dan een vinger in haar bipsGeschrokken stottert John: "Wat onbeschaafd gedouw!Je bent een grote viesterd, ik zoek een andere vrouw"Beschaamd stamelt zij: "Ik heb al reeds berouwVergeef m'n rappe vinger en trouw je Mary-Lou"De liefde vat weer vlam en lekker warm wordt JohnZij zucht dan tegen John: "Mijn hart hijgt naar jou, o John"John schenkt haar voor de eerste keer, een kus die knapt als verse chipsDan stopt ze, gatverdakke, weer een vinger in haar bips!De druppel die de emmer! Hij stapt weer op zijn paardZiet af van zo'n vies meisje, verdwijnt in volle vaartEn Mary-Lou, 't is droevig, zij weent er onbedaardEn wordt door alle roddel, als bruidje niks meer waardPuisten en de pest, o elke nare kwaalZe kreeg het allemaal, dus luistert meisjes allemaal:Zoekt u een levenscompagnon, voeg bij uw lijst van huwelijkstipsDe raad van dit chanson: stop nooit uw vinger in uw bipsWaren er vroeger al ijstijden?Gelooft u in dood na het leven?Is er ook flora en fauna in het dierenrijk?"Mag ik een boterham?"Nee